BAHA'I-GELOOF

« August 2010 »
SuMoTuWeThFrSa
       
             
1 Volmaaktheid - 167 BE

Grote bezorgdheid lot zeven gevangen Iraanse baha'is

 

Nieuwe procesdatum 12 januari a.s. 

 

Den Haag, 6 januari 2010

   
De Nederlandse bahá'í-gemeenschap is zeer bezorgd over het lot van de zeven bahá'í-leiders, die al sinds 2008 gevangen worden gehouden. Het proces tegen de zeven is drie keer uitgesteld en als nieuwe datum is 12 januari a.s. bepaald. De zeven zijn Fariba Kamalabadi, Jamaloddin Khanjani, Afif Naeimi, Saeid Rezaie, Mahvash Sabet, Behrouz Tavakkoli, and Vahid Tizfahm. De toegenomen zorgen over het lot van de bahá'ís zijn mede veroorzaakt door de recente onlusten in Iran. De autoriteiten proberen de bahá'ís verantwoordelijk te stellen voor deze gebeurtenissen, hoewel zij daar part noch deel aan hadden.

In totaal worden momenteel 48 bahá'ís gevangen gehouden in Iran. De vervolgingen zijn in 2009 in hevigheid toegenomen. Bij veel bahá'ís zijn huiszoekingen gedaan en werden persoonlijke bezittingen in beslag genomen. Sinds maart vorig jaar zijn in totaal 60 bahá'ís gearresteerd en gevangen gezet, variërend van één nacht tot verscheidene maanden.

‘De bahá'í-gemeenschap in Iran is maar al te vaak slachtoffer geworden van valse beschuldigingen’, aldus Diana Ala’i, die de internationale bahá'í-gemeenschap vertegenwoordigt bij de Verenigde Naties in Genève. ‘En nu, in deze dagen voorafgaande aan de rechtszaak, zijn er tekenen dat ze opnieuw tot zondebok worden gemaakt.’ In plaats van zelf de verantwoordelijkheid te nemen voor oproer in eigen land, legt de Iraanse overheid de schuld bij anderen, bij vreemde mogendheden, internationale organisaties, media, studenten, vrouwen en terroristen. Nu zijn ook de bahá’ís toegevoegd aan deze lange lijst. De afgelopen dagen hebben de officiële, door de staat gesteunde, Iraanse media de bahá'ís ervan beschuldigd verantwoordelijk te zijn voor de onrust die is ontstaan rond de heilige dag van Ashura. Dit wordt onmiskenbaar gedaan om de publieke opinie tegen de zeven bahá'ís te beïnvloeden. Wij zijn in het bijzonder bezorgd over het feit, dat de regering of ultraconservatieve elementen binnen die regering, de ontstane commotie in Iran zal gebruiken als dekmantel om extreme maatregelen te nemen tegen de ten onrechte gevangen gehouden bahá'ís.

Die bezorgdheid nam nog verder toe, nadat afgelopen zondag dertien bahá'ís in Teheran uit hun huizen werden gehaald en naar een detentie-centrum werden overgebracht. Onder de gearresteerden zijn enkele familieleden van de gevangengenomen leiders van de bahá’ís, die volgende week terecht moeten staan, Negar Sabet, dochter van Mahvash Sabet; Leva Khanjani, kleindochter van Jamaloddin Khanjani; en haar echtgenoot, Babak Mobasher. De andere gearresteerden waren Jinous Sobhani, voormalig secretaresse van Shirin Ebadi en haar echtgenoot Artin Ghazanfari; de broers Mehran Rowhani en Farid Rowhani; Nasim Beiglari; Payam Fanaian; Nikav Hoveydaie en zijn vrouw Mona Misaghi; Ebrahim Shadmehr en zijn zoon, Zavosh Shadmehr. De autoriteiten probeerden hen een verklaring te laten ondertekenen, waarin zij zeiden dat ze voortaan niet deel zouden nemen aan welke demonstratie ook.

‘Als je de feiten bij elkaar optelt, dan is de situatie voor de gevangen bahá'ís uiterst beangstigend’, aldus mevrouw Ala’i. ‘Wij zijn daarom zeer bezorgd over hun veiligheid. We vrezen dat het proces de volgende week slechts een showproces zal zijn en dat de uitkomst al vaststaat. Zou er iets gebeuren met de zeven bahá'ís voor of na hun rechtszaak, dan moet de Iraanse regering daarvoor verantwoordelijk worden gehouden. Wij vragen de internationale gemeenschap om Iran duidelijk te maken dat er nauwlettend zal worden gekeken naar het verloop van het proces, dat dit proces openbaar zal zijn en zal worden gehouden in overeenstemming met de internationaal geldende rechtsprincipes.’

De beschuldigingen tegen de zeven zijn “spionage voor Israël, het beledigen van de Islam en het voeren van propaganda tegen de Islamitische Republiek”. Ze zijn ook beschuldigd van “het verspreiden van corruptie op aarde”. De bahá’í-gemeenschap noemt de aanklachten vals en volkomen onterecht.

De zeven leden van de bahá'í-gemeenschap in Iran zijn in 2008 (in de maanden maart en mei) gearresteerd en door de Iraanse autoriteiten overgebracht naar de Evin-gevangenis in Teheran. Zij vormden een groep die zich ‘de vrienden in Iran’ noemde en die de activiteiten van de bahá'í-gemeenschap in Iran coördineerde. 
 

Meer informatie: 
- http://www.news.bahai.org/story/745   
- http://news.bahai.org/human-rights/iran/iran-update.html

Zie ook diverse artikelen:
- http://www.bahai.org/persecution/iran
- http://www.iranpresswatch.org
- http://news.bahai.org/documentlibrary/TheBahaiQuestion.pdf
http://www.iranhrdc.org/httpdocs/English/homepage.htm

 

home pdf pagina doorsturenprint