Nalatenschap auteur "De Profeet" naar Princeton
‘Abdú’l-Bahá door Khalil Gibran
Belangrijke gedeelten van de werkmanuscripten en aantekeningen van Kahlil Gibran (1883-1931) voor “De Profeet” (en drie andere boeken) zijn onlangs door de erfgenamen van William Shehadi aan de Princeton Universiteit geschonken. Gibran voelde zich mede door leven en leer van Bahá’u’lláh tot zijn bekendste boek geïnspireerd. Hij was in een dorp ten noorden van Beirut geboren en vluchtte in 1895 met zijn moeder en haar overige kinderen naar Amerika. In 1912 had hij in New York een diepgaande ontmoeting met ‘Abdu’l-Bahá, de oudste zoon en geestelijke erfgenaam van Bahá’u’lláh.
De “Profeet” is volgens zijn Nederlandse uitgever, Synthese, een onvergankelijk en onvervangbaar werk geworden dat, door de jaren heen, “nog niets van zijn schoonheid heeft verloren”. “The Essential Gibran”, een hommage aan de dichter en schilder naar aanleiding van diens 75e sterfjaar (2006) is geschreven door Suheil Bushrui, een voormalige hoogleraar Wereldvrede aan de Universiteit van Maryland. Professor Bushrui is directeur van het Kahlil Gibran Research and Studies Project. Hij publiceerde in 1995 een geannoteerde uitgave van “The Prophet”. Twaalf liederen op teksten van “De Profeet” zijn enkele jaren geleden door Hans Kunneman gecomponeerd.
Link naar bron:
Princeton
Biografie van prof. Bushrui op de site van de Universiteit van Haifa: http://bahai.haifa.ac.il/pdf/bushrui_cv.pdf
http://www.hanskunneman.nl/index.html
