Op 12 november vieren bahá'ís de geboorte van Bahá'u'lláh, de Stichter van het Bahá'í-geloof.
Bahá'u'lláh werd geboren op 12 november in 1817 in Teheran, Perzië.
Verhaal:
Toen Bahá'u'lláh nog een kleine jongen was had Zijn vader op een nacht een wonderlijke droom. In die droom zag hij zijn Zoon in de oceaan zwemmen. Zijn lichaam straalde zoveel licht uit, dat zelfs het water om Hem heen verlicht was, en van Zijn hoofd schenen lichtstralen naar alle kanten.
Zijn haar was lang en donker, en toen Hij daar zo zwom spreidde het zich helemaal rondom Hem heen over het water. Er kwam een grote school vissen aan. Iedere vis nam een haar van Zijn hoofd in zijn bek. Daarna zwommen de vissen met Hem mee, waarheen Hij ook ging. Ze deden Hem geen kwaad en ze verhinderden Hem ook niet om verder te zwemmen.
Bahá'u'lláhs vader had zo duidelijk gedroomd dat hij de volgende dag naar een wijze man ging om hem dit te laten uitleggen. De wijze man vertelde hem dat de zee die hij gezien had, de wereld voorstelde. De grote hoeveelheid vissen betekenden de moeilijkheden die Bahá'u'lláh zou tegenkomen op Zijn lange weg om de Boodschap van God te verkondigen. Ze zouden Hem willen verdrukken, maar ze zouden Hem toch niet kunnen tegenhouden.
Aangepast naar "Een Nieuwe Dag breekt aan!"
van Zoe Meyer.
Meer:
- Bahá'í celebrate the Birth of Bahá'u'lláh
- The Life of Bahá'u'lláh - A photographic narrative




