Consultatie over de toekomst
Bahá’ís werken aan de verwezenlijking van een verlossend denkbeeld
Raadgevers van het Universele Huis van Gerechtigheid uit 58 landen hebben eind december op de Berg Karmel in Israël “inzichtelijk, vooruitziend, toegerust en vertrouwensvol” over de toekomst van de nieuwe wereldorde geconsulteerd die Bahá’u’lláh verkondigt: de wereld in vrede. Het overleg wordt in geografische clusters van de bahá’í-wereldgemeenschap voortgezet.
Het gaat over het gemeenschaps-vormende werk van bahá’ís over de hele wereld. Die vormen een vrijwilligerscorps voor de opbouw van “een levenspatroon dat zich godsdienstig onderscheidt”. Bahá’ís zetten zich in voor een nieuwe wereld zonder vooroordelen waarin allen gelijkwaardig zijn in herkomst en bestemming. De eenheid die daaruit volgt, leidt tot intermenselijke relaties op een nieuw niveau van collectief bewustzijn en gedrag.
De jongste geopenbaarde religie – het Bahá’í-geloof - heeft universele beschaving tot doel. Nog steeds verzieken oude vooroordelen en denkbeelden over de werkelijkheid onze samenleving en staan de uitgangspunten van deze jongste openbaring nog ver van het gemiddelde inzicht. Toch zal het Bahá’í-geloof de beschaving brengen die God als naaste doel van de evolutie heeft gesteld – de eenheid van de mensheid in besef en de wereldpolitiek.

