VN Secretaris-Generaal over Iran: “Negatieve ontwikkelingen”
Op verzoek van de Plenaire Vergadering van de Verenigde Naties heeft secretaris-generaal Ban Ki-moon op 14 oktober een verslag gepubliceerd waarin de rechtsorde in Iran zorgwekkend wordt genoemd – mede door schending van de mensenrechten van minderheden zoals bahá’ís, soefi’s, Baloechi’s en Koerdistanen. In een begeleidende brief is sprake van “diepe bedroefdheid” over een “excessief gebruik van geweld, omstreden arrestaties en vasthoudingen, unfaire rechtszaken en mogelijkerwijs de foltering of mishandeling van oppositionele activisten in de nadagen van de verkiezingen van 2009”.
Het nieuwe toestandsbericht besteedt uitdrukkelijk aandacht aan de “discriminaties en pesterijen” van de bahá’ís, met “wilkeurige detenties, confiscaties en de verwoesting van persoonlijk eigendom”. De veroordeling van de zeven bahá’ís die de informele leiding vormden van hun juridisch lam geslagen gemeenschap, heeft “ernstige bezorgdheid” opgeroepen over de wijze waarop Teheran met de Iraanse rechtsorde omgaat.
Het is de derde keer dat de Verenigde Naties in deze vorm over de binnenlandse toestand in de Islamitische Republiek Iran rapporteren. De vertegenwoordigster van de bahá’í-wereld bij de VN, Bani Dugal, vindt dat de Algemene Vergadering een speciale gezant voor Iran moet benoemen die de volkeren van de wereld doorlopend op de hoogte kan houden over wat er in Iran gebeurt.
Bronnen:
- http://news.bahai.org/story/732
- http://news.bahai.org/sites/news.bahai.org/files/
documentlibrary/732_secretary_generals_report.pdf
