In tienduizenden plaatsen bidden bahá’ís om hun vrienden die in Teheran voor een Revolutionair Tribunaal terechtstaan. Zij zijn inmiddels twee keer achter gesloten deuren voorgeleid. Zelfs hun familieleden mochten hen niet zien.
De zeven beschuldigden zijn sinds de lente van 2008 in voorarrest. De aanklacht luidt: misdaden tegen de waarheden van staat en islam, verboden relaties met Israël en het corrumperen van de wereld. Op het (huidige) gebied van de Joodse staat Israël liggen sinds de late 19e eeuw de heiligdommen van het Bahá’í-geloof. Die situatie is door de verbanning van de Perzische edelman Bahá’u’lláh naar Akko aan de bocht van Haifa ontstaan. Bahá’ís weten dat hij de Messias is die nieuwe tijden brengt. Met name de Perzische islam bestrijdt dit sinds 150 jaar met alle macht.
In Texas waar inmiddels 14 duizend bahá’ís leven, werd een gebedsrally gehouden. AP Texas News vertelde over Payam Maveddat uit een voorstadje van Dallas op weg naar een van die gebedsbijeenkomsten. Haar vader werd in 1981 in Iran als bahá’í geëxecuteerd “zodat zij weet wat er nu weer dreigt als de gerechtigheid niet overwint”.



