In het dagblad “Mormon Times” uit Salt Lake City, Utah, had columnist Jerry Johnston verteld hoeveel genegenheid hij koestert voor twee bahá’ís die hij in 1969 in Bolivia had ontmoet: “Dat heeft me tot een fan van de bahá’ís gemaakt voor inmiddels vier decennia.” Daarom schreef hij voor zijn krant een column over de Báb, met wiens optreden, vanaf 1844, de Bahá’í-religie begon.
Zoals Johannes de Doper naar Jezus Christus verwees, zo leerde de Báb de komst van Bahá’u’lláh. Columnist Johnston begreep dat bahá’ís Bahá’u’lláh zien “zoals boeddhisten de Boeddha” (of christenen Christus). Hij wist de lezers van “Mormon Times” ook uit te leggen dat bahá’ís een allen omvattende gemeenschap van de mensheid voor ogen hebben, een nieuwe beschaving. Die twee bahá’ís in Bolivia wisten van Joseph Smith en het geloof van de “Kerk van Jezus Christus van de Heilige der Laatste Dagen” meer dan de jonge mormoon van toen, bekende Johnston nog steeds verbaasd.
Twee weken na het verschijnen van zijn artikel in de “Mormon Times” kwam Jerry Johnston er nog een keer op terug. Ook bahá’is bleken zijn column te hebben gelezen. Ze stuurden hem niet slechts aardige mails maar “pakten meteen uit, stuurden mails rondom de wereld en hebben ‘those guys’ uit Bolivia 1969 uiteindelijk gevonden.” Commentaar: “Ik had van twee vrienden gesproken en kreeg er zestig bij – een winst van 3000 procent.”
Bronnen:
- http://mormontimes.com/mormon_voices/jerry_johnston/?id=4196
- http://mormontimes.com/mormon_voices/jerry_johnston/?id=4864
[Joseph Smith, de stichter van de Kerk van de mormonen, stierf een maand na de komst van de Báb, in juni 1844. In 1820 had hij in een visioen vernomen dat geen enkele geloofsgemeenschap in Amerika Gods ware kerk was. Daar had hij de conclusie uit getrokken dat er een nieuwe geloofsgemeenschap moest komen die zich uiteindelijk baseerde op zijn laatste, “officiële” versie van zijn baanbrekend visioen, die van 1839. De Báb die op hetzelfde moment in Perzië op weg was naar een heilige plaats in het Ottomaanse buurland, was toen twintig jaar oud. Ook hij zou verkondigen dat er een nieuw geloof moest komen, “de religie van God”.]



