BAHA'I-GELOOF

« August 2010 »
SuMoTuWeThFrSa
       
             
1 Volmaaktheid - 167 BE

Bahá'í-leiding in Iran moet zonder hulp van advocaten terechtstaan

 

Den Haag, 13 augustus 2009 

 

Volgens nieuwe berichten uit Iran moeten de zeven gevangen leden van de bahá'í-gemeenschap aanstaande dinsdag op 18 augustus terechtstaan. Zij zullen dan verstoken zijn van rechtshulp, omdat hun advocaten ofwel zelf gevangen zitten of in het buitenland verblijven. ‘Het feit dat de rechtszaak dinsdag is gepland bewijst opnieuw dat de Iraanse autoriteiten de zeven bahá'ís het recht op juridische hulp willen ontzeggen’, aldus Diane Ala’i, die de internationale bahá'í-gemeenschap vertegenwoordigt bij de Verenigde Naties in Genève.
 
Zes van de zeven bahá'ís zitten al sinds mei 2008 gevangen. In maart van dat jaar werd de eerste al vastgehouden na ondervraging. De zeven vormden een groep die zich ‘de vrienden in Iran’ noemde en die de activiteiten van de bahá'í-gemeenschap in Iran coördineerde. Zij deden dit omdat er geen officieel bahá'í-bestuur wordt toegestaan. In Iran is het Bahá'í-geloof verboden.
 
Internationaal is het afgelopen jaar door talloze instanties afkeurend gereageerd op de arrestatie van de zeven bahá'ís. Dit heeft evenwel niet tot hun vrijlating geleid. Het onderzoek tegen de zeven is al maanden geleden afgerond. De zeven kregen geen rechtshulp en hebben slechts minimaal contact met familieleden. Dit schaarse contact begon overigens pas toen ze al vijf maanden vast zaten en ze niet langer eenzaam werden opgesloten.
 
De internationale bahá'í-gemeenschap heeft de Iraanse autoriteiten opgeroepen om de mensenrechten van iedereen in dat land hoog te houden en te respecteren. ‘In plaats van terecht te staan zouden de zeven bahá'ís onmiddellijk moeten worden vrijgelaten en op zijn minst de tijd moeten krijgen om hun rechtszaak samen met hun advocaten voor te bereiden’, aldus Diane Ala’i.
 
De gearresteerde groep bestaat uit mevrouw Fariba Kamalabadi, de heer Jamaloddin Khanjani, de heer Afif Naeimi, de heer Saeid Rezaie, de heer Behrouz Tavakkoli, de heer Vahid Tizfahm en mevrouw Mahvash Sabet. Volgens officiële Iraanse nieuwsbronnen worden zij beschuldigd van spionage voor Israël, heiligschennis en propaganda tegen de Islamitische Republiek. De bahá'í-gemeenschap heeft alle aanklachten als vals bestempeld.
 
Voor de bahá'ís is de situatie van hun zeven geloofsgenoten in Iran bijzonder alarmerend, omdat zij konden worden beschouwd als coördinatoren van de bahá'í-gemeenschap in Iran. Vijf en twintig jaar geleden werden de toenmalige bahá'í-leiders geëxecuteerd na een procesgang die veel lijkt op die van de zeven nu. Ook de showprocessen die onlangs in Iran plaatsgevonden tegen degenen die protesteerden tegen de gang van zaken bij de recente verkiezingen, doen de bahá'ís vrezen dat er voor de groep van zeven zeker geen eerlijk proces zal komen.


 

Meer informatie: 
- http://www.news.bahai.org/story/725
- http://news.bahai.org/human-rights/iran/iran-update.html

Zie ook diverse artikelen:
- http://www.bahai.org/persecution/iran
- http://www.iranpresswatch.org
- http://news.bahai.org/documentlibrary/TheBahaiQuestion.pdf
http://www.iranhrdc.org/httpdocs/English/homepage.htm

 

home pdf pagina doorsturenprint